Aby praat over taalspelen

Op vrijdag 13 april beklim ik om een uur of vier een kistje in De Kinderboekwinkel in Amsterdam, en praat ik over taalspelen. Over het belang. En de lol. En het hoe en wat. Over spellen uit doosjes, op papier, en over spelletjes in je hoofd.
Ik schrijf al jaren over taalspelen en geef er ook les in. Kijk maar in dit overzicht. Misschien steek je dan ook wel wat op van mijn praatje, of speel je een spelletje mee.
Als je erbij wilt zijn, kan je je hier (via FB) opgeven.
De kinderboekwinkel zorgt voor iets te drinken en bitterballen, de aanwezigen zorgen voor het interessante netwerk.

Woordspellerig (32): 1-woords-kennismaking

Alle begin is moeilijk, ook voor een taalspeler die voor het eerst voor een specifieke docentengroep staat. Vorige week mocht ik weer een praatje houden over het nut van taalspellen en taalspelen. Passend bij het onderwerp koos ik voor een talig kennismakingsspel.
De startvraag luidde: “schrijf op een papiertje dat ene woord wat het beste bij je past”. Dat klinkt eenvoudig, maar er was natuurlijk toelichting nodig. Het gaat om dat ene woord dat aangeeft waar je nu mee bezig bent, wat je nu belangrijk vindt, waar je voor gewaardeerd wilt worden, dat je definieert.
Vervolgens vroeg ik de deelnemers de blaadjes om te draaien, en liet ik ze om de beurt raden naar wat een collega over zichzelf had opgeschreven.
woordspel, kennismaking, bezeten
Het werd een vrolijke en inzichtgevende oefening in zelfkennis en mensenkennis, en kon meteen gebruikt worden om de woordenschat aan te scherpen. Zo kwamen er voor sommigen nieuwe woorden op tafel (“dromenjager”, “fetisjist”), en werd er gediscussieerd over de betekenis van woorden (“bezeten”). En voor mij werkte het goed om een eerste beeld te krijgen van de deelnemers.
Leuk om te doen met (halve of hele) volwassenen.

Taalelement: Woordenschat
Leeftijd deelnemers: Volwassenen
Groepsomvang: 5-..
Inhoudelijk doel: Kennismaking

(*) Voor de cijferfetisjisten onder ons, in de kop staan 3,2 en 1 in aflopende volgorde.

Klik hier voor woordspel nr. 31, een taalspel met moeilijke woorden.

Tijd voor een tekst en een tekening

rijm over een weps

Middag van het Kinderboek 2018

logo middag van het kinderboek
Op 14 april 2018 wordt de 10e Middag van het kinderboek gehouden. Deze organiseer ik nu voor de derde keer, samen met collega-schrijver Marco Kunst. Het thema is “woord en beeld in het kinderboek”.
tekening woorden en plaatjes
Marco en ik organiseren de boel, bedenken het programma, en praten alles aan elkaar. En dat doen we met groot plezier.
De Middag van het Kinderboek is een feest voor makers van kinderboeken en geïnteresseerden.
Informatie over de middag van het kinderboek is hier te vinden.

Mooi weer

Kijk, de muis en de kat maken muziek:

Jaarwens

Er zijn wat dieren (en mensen) die je alle goeds toewensen.

Lesopzet “hoe word je een griezel”

Gisteren mocht ik met collega Mariken Jongman op het Slingelland VMBO-college in Drachten optreden. Mijn deel van de bijeenkomst met 12/13 jarigen ging over het tekenen van griezels. Ter voorbereiding maakte ik deze lesopzet.

Woordspellerig (31): Meer met moeilijke woorden

Nieuwe woorden leren via taalspel?

Is er een taalspel dat direct gericht is op het aanleren van nieuwe woorden? Een taalspel dat je ook kunt inzetten om de grammatica te verbeteren? Een taalspel dat aanleiding geeft tot goede gesprekken en gebruikt kunnen worden als een begin van een verhaal? Ja. Dat is er.

Wat zijn moeilijke woorden?

Tijdens een verloren kwartiertje met wat collega’s liet ik ieder twee moeilijke woorden op papier zetten. “Wat is moeilijk?” was de voor de hand liggende vraag. “Dat mag je zelf kiezen,” was mijn antwoord. Het kan over een moeilijk begrip gaan, of moeilijk te spellen zijn, of anderszins moeilijk of slecht te begrijpen.
“Obstructie”, “hyacint”, “implementatiefase”, “cataract” en nog twee woorden die ik vergeten ben werden geopperd. De eerste leerfase bestond uit discussie over de juiste spelling van de woorden, maar ook over de betekenis. Zo wisten we niet allemaal dat cataract niet alleen een soort waterval is, maar ook een vorm van staar.

Volwassen resultaten

De vervolgopdracht luidde: maak van de twee woorden die een collega heeft opgeschreven een goede Nederlandse zin. Dit zou bij kinderen een goed moment zijn geweest om het over zinsbouw te hebben. De volwassenen konden gewoon aan de slag. Een van de gemaakte zinnen luidde: “De coach pleegde dusdanig veel mentale obstructie, dat het team absoluut niet toekwam aan de implementatiefase van het project.”

Deze zin paste wel bij de organisatie waar één van de deelnemers werkte.
In een geheel andere setting kwamen de woorden “waterlanders” en “mechanica” naar boven drijven. De daarop gebaseerde zin luidde: “De Waterlanders probeerden zich in de mechanica te verdiepen.” Waar de woordbedenker “waterlanders” nog zag als een ander woord voor tranen, maakte de zinschrijver er iets anders van, dat bij toeval goed paste bij het nieuwste boek van collega kinderboekenschrijver Marco Kunst. En zo kwam er vanzelf een gesprek op gang over de jeugdliteratuur.

Het taalspel is ook geschikt voor kinderen

De voorbeelden die ik net liet zien werden door volwassenen geproduceerd. Maar ik speelde het ook met twee kinderen, en met een klas vol kinderen uit groep 5. In de klas liet ik een paar kinderen de moeilijkste woorden die ze kenden opnoemen. Het waren “communiceren” en “inspiratie”. De kinderen leerden elkaar (met enige bijsturing mijnerzijds) de juiste schrijfwijze en betekenis. Vervolgens mocht iedereen proberen er een mooie zin van te maken. Wat mij bijbleef was de zin “Mijn ogen en hersenen communiceerden met elkaar, en daardoor kreeg ik inspiratie.”
Mooi, toch?

9e Middag van het Kinderboek


In mei organiseerde ik samen met collega Marco Kunst de 9e Middag van het Kinderboek, een jaarlijks evenement dat in de OBA in Amsterdam gehouden wordt. Het thema van deze editie was: “Wat maakt een boek een goed kinderboek?”.
Het verslag van deze bijzonder geslaagde bijeenkomst staat nu online, en is hier te vinden.

Krokodil of Alligator

Of ik een Franstalig non-fictieboek voor kinderen wilde vertalen en bewerken? Nou en of! Ik ging aan de slag met woordenboeken, encyclopedieën, het internet, en met pen en papier. Het was al een mooi en informatief boek, maar nu is het ook geschikt voor de Nederlandstalige kinderen. Leuk hoor.

Wat is het verschil tussen een krokodil en een alligator? Of tussen een stalactiet en een stalagmiet? Is een konijn echt geen haas?
Het boek is verschenen bij Fontaine Uitgevers.