Pechkevers en maanschapen

Iedereen heeft wel eens een probleem. Iedereen.

De giraf heeft hoogtevrees, de struisvogel is zijn huis kwijt, het schaap vindt zijn omgeving saai, de inktvis is eenzaam, de gier vindt zichzelf lelijk en de kever heeft altijd pech.

Het zijn misschien ongewone problemen, maar de oplossingen die ze zoeken zijn nog veel ongewoner!

Gelukkig maar.

Zirkoon, 4+

isbn 978 90 5247 412 0

Klik hier om te bestellen.

Hieronder zie je een aantal recensies:

NBD Biblion:
Bundel korte verhalen over dieren die kampen met een persoonlijk probleem waar een oplossing voor wordt gezocht. Zo heeft de giraffe hoogtevrees, wil het schaap naar de maan en worstelt de gier met haar lelijkheid. Zij zoeken raad bij andere dieren met wie zij op gelijke voet communiceren, ongeacht soort. In dit opzicht doen de verhalen denken aan de dierenverhalen van Toon Tellegen. Alleen zijn die van Tellegen meer filosofisch en die van deze auteur directer en daardoor voor een jongere doelgroep. Hij maakt veel gebruik van dialogen en heeft een leuk, humoristisch, eigentijds taalgebruik, dat maakt dat de verhalen als het ware vragen om te worden voorgelezen. Het boek is mooi uitgevoerd. De buitenkant is nachtblauw met daarop een glimmende gele maan met een schaap. Het schutblad is violet en de mooie, witte gladde bladzijden staan vol rake, karakteristieke tekeningen, die met lichte kleuren worden opgevrolijkt. Daarmee is het een boekje dat meer dan eens met veel plezier kan worden bekeken en gelezen. Vanaf ca. 5 jaar.

NBD Biblion, Conny Meijer

Boek en Jeugd Online:
Rond zes dieren zijn korte verhaaltjes verzameld, steeds met een ander dier in de hoofdrol. Een van hen is bijvoorbeeld een giraf met hoogtevrees. Opstaan gaat wel, maar zijn kop laat hij het liefst op de grond liggen. Dat is een heel probleem, want zo kan hij niet bij de blaadjes. Verschillende kleine diertjes staan hem met raad en daad terzijde, maar het is uiteindelijk de struisvogel die hem echt weet te helpen. De struisvogel is het volgende hoofdstuk opeens haar huis kwijt en verder zijn er nog hoofdstukken over een schaap, gier, inktvis en kever. Allemaal worstelen ze met een of ander probleem, dat met hulp van andere dieren wordt opgelost. Ook de lezer kan meedenken; de verhaaltjes lenen zich goed tot samen praten over gevoelens en emoties. Het taalgebruik is direct met veel dialoog. De ingekleurde, zwartelijn tekeningen zijn wat onbeholpen, wat goed past bij de sfeer van de verhalen. Vanaf 5 jaar.

Boek en Jeugd Online, A

Pluizuit:
Aby Hartog schreef voor deze bundel zes kortverhalen bij elkaar over dieren die te kampen hebben met een persoonlijk probleem en naarstig naar een oplossing zoeken.
Zoals de giraf die hoogtevrees heeft. De worm, de mier, de muis, de rups, de vogel, de slang, de kriebelkruipdieren, de vis, de krokodil, de uil en de struisvogel, wie zal hem kunnen helpen om zijn probleem op te lossen?…
De struisvogel is haar huis kwijt en zoekt een adres om te logeren. Tussen de bulten van de kameel? Of in de boom in het gat van de specht? Of in de gangen van de mol? Samen hebben zij echter een beter plan…
Het schaap is zijn saaie leventje beu en gaat op zoek naar uitdagingen. Zou, na een lange tocht op aarde, de maan soelaas bieden?…
De gier vindt zich het lelijkste dier dat ooit bestaan heeft en wil ruilen met een ander dier. Of trouwen, of een mooi ei uitbroeden. Hoe zal zij haar ware aard leren aanvaarden?…
De inktvis is eenzaam in de diepe zee en gaat op zoek naar gezelschap. Hoewel de garnaal dat best wilde zijn…
De pechkever heeft altijd pech, het stopt nooit. Tot er iets goeds in haar nest valt…

Stuk voor stuk pittige verhalen vol fantasie en fijne humor die je niet kan (voor)lezen zonder een glimlach op het gezicht te krijgen.
De verhalen zijn eenvoudig maar niet simplistisch. Zij zitten vol herhalingen en verassende wendingen. De taal is eenvoudig, direct en gevarieerd. De zinnen zijn om van te snoepen en de vele dialogen laten zich levendig voorlezen.
De dieren zijn mooi neergezet. Herkenbaar en vol humor en met heerlijke spitante reacties op elkaar.
De prenten lijken eenvoudig, vooral door hun kinderlijke naïviteit. Maar ze zijn doordacht en speels en versterken de humor.

Kortom, een voorleesboek dat zal ‘versleten’ worden. Vandaar een aanrader!
Pluizuit, Eric Vanthillo,april 2011

christelijkekinderboeken.nl:
Tip voor de Nationale Voorleesdagen: Pechkevers en maanschapen van Aby Hartog. Wat een heerlijk ontwapenend boek. Lichtvoetig en met veel humor beschreven. Leuk om voor te lezen. Kinderen zullen het erg grappig vinden en moeten lachen om de vermakelijke ‘domme dingen’ die de dieren in dit boek doen. Je maakt kennis met een giraf met hoogtevrees (ja, echt!), een struisvogel die een logeerplek zoekt, omdat ze haar huis kwijt is, een schaap die meer wil beleven en op de maan terechtkomt, een gier die er last van heeft dat hij het lelijkste dier is dat er bestaat, een eenzame inktvis in de oceaan en een echte pechkever, die nooit ‘s geluk heeft, …of toch wel?
Het leuke van dit boek is én de tekst én de totale vormgeving. De auteur is namelijk ook de illustrator van het boek en dat levert een prachtige eenheid in tekst en illustratie op. Dit is altijd al meteen een winstpunt, deze ultieme samenwerking. Het is meteen al genieten met de mooie letterkeuze, hoog, smal en authentiek. Erg mooi.

Het boek bevat vijf grappige verhalen over dieren waar iets mee is. Ze zijn bang (hoogtevrees), vergeetachtig of dom (struisvogel), ongeduldig, hebben behoefte aan meer uitdaging (schaap), zijn lelijk (gier), eenzaam en onwetend (inktvis) of hebben ‘altijd’ pech (pechkever).

Aby Schaap verstaat de kunst om erg leuk te vertellen. Ze maakt gebruik van veel herhalingen, die de overdrijving aangeven en het extra vermakelijk maken. ‘De giraf stond op. Dat duurde even, want de giraf had hele lange benen en een hele lange nek. Met hele lange benen en een hele lange nek ben je niet zo snel overeind. Toen het eenmaal gelukt was, en hij helemaal stond, stootte hij zijn hoofd. Boink. Tegen een boomtak. ‘Auwtsj’.
Met overdrijven kun je ook écht laten zien Hoe Erg Het Is: ‘En toen hij zoveel blauwe plekken had dat hij er niet meer uitzag als een giraf maar als een blauw beest met een lange nek, en zijn blauwe plekken blauwe plekken hadden, en er echt geen blauwe plekken meer bij konden, was de giraf niet meer bang om te vallen’.
Ze laat zien hoe gek het kan. De giraf heeft zo’n last van hoogtevrees dat hij het zelfs eng vindt om met z’n hoofd hoog boven een muis te hangen. Tja. De andere dieren hebben ook niet veel begrip voor de giraf. ‘Wat is er aan de hand, vroeg een mier. Niets, zei de giraf. Lieg niet, zei de mier. Ik lieg niet, zei de giraf. Ik wil er alleen niet over praten. Zeg dat dan, zei de mier. Ik wil er niet over praten, zei de giraf’.
Andere dieren willen wel helpen, maar dat haalt niet zoveel uit, omdat de giraf bang blijft. Alleen de krokodil krijgt de giraf de boom in. En de struisvogel helpt de giraf met val oefeningen. Dat helpt, zodat hij uiteindelijk zegt ‘Ik ben geen watje. Ik heb geen hoogtevrees of zo. Wie heeft er nou ooit gehoord van een giraf met hoogtevrees’. Ik niet, zei de struisvogel, (…) ‘Er bestaan geen giraffen met hoogtevrees’.

Zo Leuk Dat Je Eigenlijk Gek Bent Als Je Dit Boek Niet Voorleest: je doet de kinderen én jezelf tekort.
Het boek staat toch wel in de schoolbibliotheek of in het boekenkrat in de klas??
(christelijkekinderboeken.nl, AP)

Leave a Reply

Your email address will not be published.