Tag Archive for Taalspel

Woordspellerig (37): Wat heeft een wat met wat te maken

Het derde taalspel dat ik beschreef, ging over het maken van combinatiewoorden. Kies twee willekeurige woorden, plak ze aan elkaar en tadaa: je hebt een nieuw Nederlands woord. Maar wat betekent dat woord? Wat is een vissen-circus? Wat is een pizza-bloem? Hoe ziet het eruit? Mijn meer dan zeer gewaardeerde collega Marie-Louise Sekrève ging met het spel aan de haal. Ze is netter dan ik, en maakte een stapel geplastificeerde woordkaartjes. Bij haar mag je er twee uitkiezen, en antwoord geven op de volgende vraag: Wat heeft het ene woord met het andere woord te maken?

Taalspel: een vis eet een zak friet
taalspel: vis eet friet

Stel nu dat je de woorden “vis” en “patat” hebt. Dan zou het kunnen dat de vis in zee zwemt, dat uit dat zeewater zout gewonnen wordt, en dat zout gebuikt wordt om de patat mee op smaak te brengen.
Het kan ook zo maar zo zijn dat er een ernstig probleem is met de Scheveningse vissenpopulatie. Alle vissen worden te dik, omdat ze de door mensen weggegooide frietjes (met mayo) opeten.
En dan heb je ook nog zakelijkere relaties, zoals de onvermijdelijke (maar overheerlijke) fish&chips.

Het zoeken naar de relatie tussen woorden test de parate kennis (in het specifieke voorbeeld over de samenstelling van menu’s), maar stimuleert ook de fantasie van de deelnemers. 
Ik ga het ook spelen. Zonder de nette kaartjes, maar met heel veel ter plekke te bedenken woorden, en met heel veel plezier.

Woordspellerig (36): Van woordcombinatie naar verhalen

Ik las “De geschiedenis van Jane Doe” van Michael Bellanger, een vrij heftige en ellendig verlopende maar ook grappige 15+ liefdesgeschiedenis over twee nerds en een getroebleerd meisje. Om meer dan één reden is het boek de moeite waard.
Hier gaat het mij alleen om het taalspel dat erin gespeeld wordt, en waarvan ik weet dat ik én andere schrijvers en tekenaars het ook op de een of andere manier toepassen. Het gaat over het combineren van mensen en situaties.
woordcombinatie

Denk aan
– Batman met een suikerspin in zijn handen, op de rug van een my-little-pony
– Je moeder op een tandem, met een hongerige grizzlybeer achterop
– Een giraffe met hoogtevrees (*)
– Mijn zus die aan een vlieger hangt, die wordt voortgetrokken door een kameel.
In het boek helpt de nerd het wat zwaarmoedige meisje met deze beelden aan een glimlach. Bij mij en mijn dochter werkt het ook.

Ik daagde kinderen uit groepen 3, 4 en 5 van een school in Amsterdam Noord uit zelf ook wonderlijke combinaties te maken. Vaak ging het over vliegende dieren en mensen, soms over sprekende bomen. En vaak ook over situaties die zo tot een boek zouden kunnen leiden, of al een boek of een verhaal zijn.
– Een schaap dat in een raket naar de maan vliegt (*)
– Een man die op een vliegend paard ’s nachts van de ene naar de ander stad gaat (*)
– Een meisje dat zo sterk is als een paard (*)
– Een meisje dat haar gezicht kwijt is (*).

Ik deed de oefening ook met ouders. Die hadden er iets meer moeite mee, maar kwamen uiteindelijk ook los, vooral toen één van hun kinderen ze op gang hielp.
– Een boek dat kan praten
– Een boek dat waarvan het verhaal ontstaat terwijl je het leest (*).

De komende weken ga ik de kinderen iedere keer naar bijzondere combinaties vragen. Misschien levert het inspiratie op voor mijn volgende boek. Of dat van hun.

De verhalen met (*) bestaan al.

Ben je benieuwd naar andere woordspelletjes? Kijk dan eens hier.

Wat kan je doen met boeken? Raamstapelen!

Het lijkt erop dat je vrijwel oneindig veel dingen kunt doen met boeken. Zoals raamstapelen. Het lijkt een woord uit een spel dat ik hier uitleg. In dit vlogje laat ik zien hoe raamstapelen eruit ziet, en hoe zinvol het kan zijn.

Als je geïnteresseerd bent in een andere decoratieve toepassing voor boeken, kijk dan hier.

Boekpromotie filmpjes op youtube

Ik werk ook bij De Kinderboekwinkel in Amsterdam. Voor die winkel maak ik regelmatig boekpromotie filmpjes over boeken, maar ook over spelletjes. Zoals deze:

Als je nog meer filmpjes wilt zien waarin ik wat vertel over boeken die ik mooi of zinvol vind, kan je ze via deze zoekopdracht op youtube vinden.

Voor promotie van mijn eigen boeken kan je natuurlijk op deze website terecht. Hier vind je alles wat ik geschreven heb, waar mogelijk met de mening van anderen erbij.

Woordspellerig (35): MEER Leugens!

Een leugenachtig verhalend woordspel

leugens

leugens en smoesjes

De Burlington Liars Club is een vereniging in de Verenigde Staten die jaarlijks een prijs uitreikt aan degene die de beste (en leukste) leugen vertelt. Ik vertelde daarover in mijn schoolschrijversklas in Amsterdam Oost. Niet helemaal tot mijn verrassing waren de hoogbegaafde kinderen hogelijk geïnteresseerd. Ik daagde ze dan ook uit met een verhalend woordspel.
Normaliter krijgen de kinderen iedere week een schrijf- of tekenopdracht, die ik voor het gemak “huiswerk” noem. De uitdaging luidde als volgt: “als je de allerbeste smoes weet te verzinnen (en te vertellen) waarom je je huiswerk niet hebt kunnen maken (of inleveren), heb je recht op eeuwige roem.”
Het was iedere week feest.

Leugens, niets dan leugens

Nee, de brug stond niet open.
De brug ging open, en de tas van de leerling (met het huiswerk erin) werd meegetrokken en, toen de brug haar hoogste stand had bereikt, in het water gekatapulteerd. Het kind sprong het water in om de tas en het huiswerk te redden, maar werd overvaren door een rijnrondvaartboot. Een eenzame kanoër moest haar van een gewisse dood redden, en sleepte haar naar de kant. Een oud vrouwtje bracht het kind in een gammele Kanga naar het ziekenhuis, alwaar ze uren moest wachten tot een eerste hulp arts haar vertelde dat zij gezond was, maar het huiswerk reddeloos verloren.
En anders was er wel iets met een UFO. Of een zombie. Of moest de laatste in Nederland levende oxapotatl gered worden uit de klauwen van een wilde kat, want je zou toch niet willen dat de oxapotatl uitgestorven zou geraken.
Je ziet het. De lat lag hoog, en kwam iedere keer hoger te liggen.

Wat heb je aan deze smoesjes?

Het was een toffe stelopdracht, met alle ruimte voor eigen fantasie, stijl en inhoudelijke interesses. Bovendien gaf het de deelnemers de gelegenheid hun theatrale vaardigheden tentoon te spreiden, en dat is ook wat waard.
De volgende keer laat ik ze hun smoes om geen huiswerk te maken als huiswerk opschrijven en inleveren. Eens kijken of ik daarmee weg kom.

Als je op zoek bent naar andere speelse stelopdrachten, kan je bijvoorbeeld hier kijken:

Woordspellerig (34): Klinkeren

Woorden maken met één enkele klinker

Op een basisschool in Amsterdam Oost treed ik regelmatig op in een klas hoogbegaafde kinderen. Ze weten veel, kunnen veel, en willen nogal eens uitwaaieren met hun gedrag en gedachten. Ik probeerde ze wat te focussen, bijvoorbeeld met gedichten met rijmdwang. Maar leuker vond ik het te kijken of ze met een woordspel zinnen of zelfs verhalen konden maken met één enkele klinker. Het leidde (uiteraard) tot verhitte discussies over de vraag of de Y al dan niet een klinker is (zoals hij in mijn naam voorkomt wel, maar zoals hij in yoghurt gebruikt wordt niet, was de voor iedereen acceptabele uitkomst), maar dat terzijde.

E-vertelsels

Na wat klassikale oefeningen met woorden waar alleen de klinker “e” in stond, moesten er e-vertelsels gemaakt worden. De resultaten waren bemoedigend.
Romijn schreef:
e-vertelsel
“We hebben wel zeven neefjes, en ze eten veel. Met het kerstfeest hebben we echt heel veel vers eten gegeten. En geen enkel neefje heeft te vrezen eten te vergeten.”

Er moet meer ge-aad worden!

Als huiswerk kregen de kinderen de vraag iets dergelijks te maken met de a. En een brutalo vond dat ik zelf ook aan de slag moest. Ik ben vergeten wat de kinderen zelf ge-aad hebben vast te leggen. Ik maakte, indachtig het feit dat collega Anna van Praag vorig jaar op deze school optrad:

Anna van Praag haat Ara’s. Mag dat?
Ja, dat mag.
Anna van Praag jaagt Ara’s. Mag dat?
Ja, dat mag.
Anna van Praag kaakt acht Ara’s. Mag dat?
Wat? Wat? Kaakt Anna van Praag acht Ara’s?
Ja. Anna van Praag kaakt acht Ara’s.
Bah, Anna! Bah!

Klinkeren of Lipogram

Als spel noemde ik het klinkeren, maar ik heb later eens opgezocht hoe je zo’n soort tekst formeel noemt. Het heet lipogram, dat zoveel betekent dat iets verboden wordt. Een a-lipogram betekent dat een woord geen a’s bevat. Een a-i-o-u-y-lipogram betekent dat de enige klinker die wel gebruikt mag worden de letter e is. In Opperlans! wordt deze versie spelenderwijs een e-legende genoemd. Een e-i-o-u-y-lipogram staat daar bekend als een a-saga. “Anna-praat”, dat kan wat mij betreft ook.
E-legendes zijn redelijk goed te doen. Je kunt alle lidwoorden gebruiken, en nogal wat voegwoorden en werkwoorden. Bij a-saga’s (of erger, u-klussen) moet je bijna d’apostrof als weinig fraaie noodgreep gebruiken.

En waar was dit goed voor?

Het was al met al een speelse oefening in woordzoeken, zinbouwen en verhaalbrouwen met beperkte middelen.

Woordspellerig (33): Woordlettervierkanten

Woorden maken op een vlak van 5 bij 5

Toen ik een paar weken geleden in De Kinderboekwinkel in Amsterdam een praatje mocht houden over taalspelen, hoorde ik over een woordspel dat collega Louise Bos thuis wel eens speelt. Na wat uitleg dacht ik: “dat ga ik ook proberen”. Dochterlief (12) was het welwillende en tamelijk enthousiaste (winnende) slachtoffer.

Het is de bedoeling om met min of weer willekeurige letters zoveel mogelijk woorden in het 5*5 vlak te maken. Des te meer woorden, en des te langer de woorden, des te meer punten een speler krijgt. En de meeste punten winnen.

Het spel

Men neme ter voorbereiding een velletje papier en een schrijfinstrument per speler. Teken op het papiertje een vierkant van 5 bij 5 blokjes. Daarmee zijn de voorbereidingen meteen klaar, en kan het echte spel beginnen.
Om de beurt mogen de spelers volstrekt naar eigen inzicht een letter opnoemen. Alle spelers moeten de genoemde letters ergens in hun eigen speelveld opnemen. Iedere speler probeert voor zicht zoveel mogelijk, zo lang mogelijke woorden te leggen. Je moet het (bij voorkeur) echt alleen doen. Meekijken bij ander spelers mag niet. Als 25 letters genoemd zijn, is het spel ten einde, en wordt gekeken wie de meeste woorden heeft, en hoe lang die woorden zijn.

De woorden worden van links naar rechts, en van boven naar beneden geteld. Woorden van twee letters krijgen twee punten, woorden van 3 letters drie, en zo verder.
woordspel Wij vonden het behoorlijk leuk. Ik kan me zo voorstellen dat je kleinere kinderen moet helpen bij het tellen van de punten. Sommige woorden zien ze wellicht zomaar over het hoofd. Wij legden de mooie letterreeks DELTA. 2 punten voor DE, twee punten voor EL, vijf punten voor DELTA. Maar de drie punten voor DEL werden bijna gemist. En de vier punten voor DELT (als vervoeging van het werkwoord DELLEN, hetgeen volgens een ander spel dellerig gedrag vertonen betekend), werden geheel over het onschuldige hoofd gezien.

Mogelijkheden, nut en naam

Er zijn spelvarianten mogelijk. Verplicht eenzelfde letter in het midden leggen, woorden die ook van rechts naar links of diagonaal gelezen mogen worden, andere tellingen, strafpunten voor woordkundigen, een groter speelveld, noem maar op.
Ik durf het aan met iedereen vanaf een jaar of acht te spelen. Maar niet in te grote groepen, anders duurt het allemaal te lang.
Wat rest nog? De vraag naar het nut van het spel? Naast talig tijdverdrijf? Bevordering van de woordenschat en aandacht voor spelling. Niks mis mee.

En ik noem het de woordlettervierkanten. Of letterwoordvierkanten. Of vierkantwoordletteren. Of vierkantletterwoorden.

Aby praat over taalspelen

Op vrijdag 13 april beklim ik om een uur of vier een kistje in De Kinderboekwinkel in Amsterdam, en praat ik over taalspelen. Over het belang. En de lol. En het hoe en wat. Over spellen uit doosjes, op papier, en over spelletjes in je hoofd.
Ik schrijf al jaren over taalspelen en geef er ook les in. Kijk maar in dit overzicht. Misschien steek je dan ook wel wat op van mijn praatje, of speel je een spelletje mee.
Als je erbij wilt zijn, kan je je hier (via FB) opgeven.
De kinderboekwinkel zorgt voor iets te drinken en bitterballen, de aanwezigen zorgen voor het interessante netwerk.

Woordspellerig (32): 1-woords-kennismaking

Alle begin is moeilijk, ook voor een taalspeler die voor het eerst voor een specifieke docentengroep staat. Vorige week mocht ik weer een praatje houden over het nut van taalspellen en taalspelen. Passend bij het onderwerp koos ik voor een talig kennismakingsspel.
De startvraag luidde: “schrijf op een papiertje dat ene woord wat het beste bij je past”. Dat klinkt eenvoudig, maar er was natuurlijk toelichting nodig. Het gaat om dat ene woord dat aangeeft waar je nu mee bezig bent, wat je nu belangrijk vindt, waar je voor gewaardeerd wilt worden, dat je definieert.
Vervolgens vroeg ik de deelnemers de blaadjes om te draaien, en liet ik ze om de beurt raden naar wat een collega over zichzelf had opgeschreven.
woordspel, kennismaking, bezeten
Het werd een vrolijke en inzichtgevende oefening in zelfkennis en mensenkennis, en kon meteen gebruikt worden om de woordenschat aan te scherpen. Zo kwamen er voor sommigen nieuwe woorden op tafel (“dromenjager”, “fetisjist”), en werd er gediscussieerd over de betekenis van woorden (“bezeten”). En voor mij werkte het goed om een eerste beeld te krijgen van de deelnemers.
Leuk om te doen met (halve of hele) volwassenen.

Taalelement: Woordenschat
Leeftijd deelnemers: Volwassenen
Groepsomvang: 5-..
Inhoudelijk doel: Kennismaking

(*) Voor de cijferfetisjisten onder ons, in de kop staan 3,2 en 1 in aflopende volgorde.

Klik hier voor woordspel nr. 31, een taalspel met moeilijke woorden.

Tijd voor een tekst en een tekening

rijm over een weps