Woordspellerig (27): Het eerste woord


Op Koninginnedag kocht ik een letterdoos. Koninginnedag, geen Koningsdag, het is namelijk al een tijdje terug. En al die tijd lag de doos in een kast, totdat het prinsessendag werd. Prinsessendag is de dag dat je je huis opruimt en dingen bijeen zoekt om te verkopen op Koningsdag.
Awel, daar kwam de letterdoos naar boven, en ik vroeg me af of ik er een spelletje mee kon doen. Dat kon ik. Dat kan ik nog steeds.
Gooi de letters in een zak, haal er één voor éen eentje uit, en probeer met de gekozen letters een woord te maken. Je mag minimum-eisen stellen. Een woord van 3 letters, een woord van 5 letters, een zelfstandig naamwoord, wat voor woord dan ook.
Ik speelde het spel in een groep 6 op een school in IJburg. Zonder de letterdoos, want die was ik vergeten mee te nemen. Ik noemde tamelijk willekeurig allerlei letters. Degene die als eerste een woord ontdekte verdiende aandacht en complimenten.
Het werkte prima. Bedachtzame maar enthousiaste kinderen, veel aandacht, mooie resultaten.
Het is moeilijker dan je denkt, en geeft ruimschoots gelegenheid om aan spelling te werken. Moort is met een d, tenzij het de tweede persoon enkelvoud van het werkwoord “moren” betreft. Maiz is met een s, tenzij je het Baskische woord voor “vaak” bedoelde.
Na een minuut of zes waren we uitgespeeld, en dat was ook de bedoeling. Een tussendoortje. Prima te doen zonder letterdoos (die ik op Koningsdag te koop ga zetten).

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *